Hoe ziet de evenementensector van morgen er uit?

Hoe ziet de evenementensector van morgen eruit? Samen met trendwatcher, Bert Van Tilborgh, blikt Kevin vooruit op een aantal trends, die ons vak aardig kunnen veranderen.

20-05-2019 -  by Kevin Van der Straeten

Reageer op deze tv aflevering

Heb je al een account op eventplanner.be? Meld je aan
Heb je nog geen account? Schrijf je comment hieronder:

Transcript

Hoe ziet de evenementensector van morgen eruit? Samen met trendwatcher, Bert Van Tilborgh, blik ik vooruit op een aantal trends, die ons vak aardig kunnen veranderen.

 

Dag Bert, welkom in de studio.

 

Dag Kevin, goeiemiddag.

 

Trendwatchers, ik vind dat altijd spannend en fascinerend. Wat heb jij in je glazen bol gezien, voor onze sector?

 

Goh, er zijn een aantal heel interessante dingen.
Ik denk, in eerste instantie, de demografische trends. Dat is, denk ik, een heel belangrijke, waar je rekening moet mee houden. Ik denk dat vooral de veroudering van de bevolking...
We zitten eigenlijk met een vergrijzende populatie. Je mag niet vergeten dat in 2020, dus dat is eigenlijk volgend jaar, dat we op een breekpunt komen, of een tipping point, zoals we dat heel mooi zeggen. En dat breekpunt betekent dat we, voor de eerste keer, meer mensen gaan hebben, die ouder zijn dan vijftig.
Dat is wel heel interessant, want dat betekent ook dat je, naar de eventsector, heel leuke dingen gaat moeten doen, voor die sector.

 

Wel, want dat is natuurlijk iets, als we vandaag kijken naar, vooral marketing, maar ook evenementen: alles is gericht op die jeugd, natuurlijk.

 

Absoluut.

 

Een Tomorrowland voor bejaarden heb ik nog niet gezien.

 

Nee, maar die gaat misschien wel komen. Ik denk dan niet direct aan een Tomorrowland.
Maar ik zie dan, bijvoorbeeld, wat de dag van vandaag super populair is, dat zijn retro-party's.
Ik weet niet of je dat al een beetje hebt opgemerkt, maar op Facebook, dat is momenteel ook het platform, waar de vijftigplusser heel hard op inzet...

 

Ja, de jeugd begint het nu, daardoor, te verlaten, natuurlijk.

 

Ja, de jeugd verlaat het. Die gaan veel meer naar Instagram.
Maar dus, de oudere populatie, de vijftig- en zestigplussers, die zitten dus massaal op Facebook. En die gaan dingen beginnen delen, beginnen liken. En dat heeft vooral ook te...
Vooral ook een aantal dingen, die rond retroparty's zijn. En je ziet dat aanbod ongelooflijk groeien. Dus, de muziek van de seventies en de eighties, maar ook heel die entourage errond, dat wint ongelooflijk veld en er worden er meer en meer georganiseerd.
De kwaliteit van organisatie laat soms nog wel een beetje te wensen over. Ik denk dat er nog heel veel verbeteringsruimte is.

 

Maar is dat dan omdat dat nog in het amateurmilieu zit? Omdat de professionele organisatoren dat segment nog teveel links laten liggen?

 

Ja, ik denk het wel. Ik denk dat inderdaad eigenlijk is, van mensen die zelf in die leeftijd zitten.
Bijvoorbeeld ik, ik zit ook bij de beginnende vijftigers. Ik zit echt in de beginnende leeftijdscategorie van die vergrijzende bevolking. Je ziet dat ook al een klein beetje aan mijn haar.

 

Ik ben die fase overgeslagen.

 

U hebt die fase overgeslagen.
Maar als je gaat kijken dus, inderdaad, je ziet dat meer en meer mensen dat gaan organiseren. Omdat ze dat fun vinden. Omdat het muziek is uit hun tiener...
Ja, uit hun tienertijd, of als ze twintig waren. Dus, dat is ongelooflijk fijn, omdat terug te gaan organiseren.

 

Ja, dat is pure nostalgie, hé.

 

Dat is pure nostalgie. En sommige gaan dan, bijvoorbeeld, ook de omgeving een beetje aankleden. Maar daar eindigt het dan. Ik denk dat er nog heel veel marge is.
Ook, het bizarre is, dat dat eigenlijk supergoedkoop is.
Terwijl in andere dingen, concerten bijvoorbeeld, die worden georganiseerd voor groepen, die vijftig- en zestigplussers leuk vinden, die zijn veel duurder, dan concerten, die men gaat organiseren voor groepen, die twintigers leuk vinden.
Dus, daar zit je eigenlijk in een ongelooflijke discrepantie.
Maar ik denk: dat is een hele boeiende. En ik denk: in de komende jaren nog zeker, meer dingen...

 

Nu, voor organisatoren, sowieso, ook een interessante doelgroep, hé.

 

Absoluut.

 

Kapitaalkrachtiger.
Allez, een zestienjarige, die heeft budget voor drie cola's. Dan is het vaak al op.

 

Absoluut.
Absoluut, klopt. Inderdaad, dat zeggen wij ook vaak, hé. Dus, de groep, de vijftig- en zestigplussers, die heeft echt de tijd en het geld. En die wil dat ook laten rollen. Want, die wil zich ook nog jong voelen. Dus, die zit met een dubbel gevoel. Enerzijds heeft die het geld, om de leuke dingen te gaan doen. Hij kan die ook betalen en hij wil die ook betalen.

 

En hij heeft er tijd voor.

 

En hij heeft er ook tijd voor.
Maar dan zie je, langs de andere kant, dat die markt, eigenlijk, er te weinig gebruik van maakt. En dat nog op een heel amateuristische manier doet.
Dus, ik denk dat er nog heel veel ruimte is, om daarin te groeien en heel veel potentieel ligt.

 

In ons vorig gesprek, gaf je ook aan dat...
Een andere maatschappelijke trend: de nieuwe man.

 

Ja, de nieuwe man.
U weet allemaal, dat de man het vandaag heel moeilijk...
Allez, vooral vorig jaar. Denk aan heel de MeToo-beweging.

 

Ah ja, zo, ja.

 

Dus, de verkrachtingszaken, die Harvey Weinstein en andere. Die verkrachtingszaken. De man heeft het heel moeilijk.
En je ziet dat ook, de dag van vandaag. Als je gaat kijken naar opleidingen, meer en meer vrouwen doen, bijvoorbeeld, de event-richting.
Ik heb het voordeel dat ik, af en toe, binnen event-richting, in een hogeschool mag staan. En les mag geven. Dat zijn overwegend meisjes. Ongeveer vier op vijf zijn meisjes. En één op vijf is een jongen. Dus, je ziet: dat is een ongelooflijke vervrouwelijking, die zich manifesteert binnen de eventsector.
Niet alleen dat. Ook in andere opleidingen. Dames zijn overwegend veel sterker in resultaten, in het behalen van resultaten, dan jongens.
Je ziet dat ook meer en meer op de arbeidsvloer, je ziet dat ook in hogere functies. Die dames groeien echt door naar die topfuncties. Dus dat is één.
Ten tweede zie je ook die loonkloof, die er vroeger was tussen man en vrouw, die begint ook te dichten. Een heel mooi voorbeeld, heb je daar, niet echt in de eventsector, maar heb je, bijvoorbeeld, in de voetballerij. Bijvoorbeeld, het Noors dameselftal, heeft een even grote premie, als de mannelijke collega's. Dat is vrij uniek. Dus, je ziet ook die loonkloof kleiner worden.
Dus, dat is één punt. Die vrouwen, die zijn dus, die winnen dus ongelooflijk veel vertrouwen. En die vrouwen, die stralen veel meer vertrouwen uit, dan de man. De man, die het eigenlijk heel moeilijk heeft. En die is op zoek naar een nieuwe identiteit. En je ziet dat meer en meer, dat ook merken daar gaan op inspelen.
Maar ook binnen de eventwereld, moet je daar rekening mee houden.

 

Hoe zou je dat concreet kunnen doen?

 

Ik denk, vooral...
Het heeft vooral te maken, met een stukje vertrouwen geven aan een man. Dat het eigenlijk wel fun is, om man te zijn. En dat hij ook een aantal vrouwelijke kenmerken, kan gaan in zich opnemen.
Dat zijn dingen die je een stuk...

 

Maar kan je dat eens heel concreet maken?

 

Een heel mooi voorbeeld is, bijvoorbeeld, in het American football. Cheerleaden was, overwegend, een activiteit, die vrouwen gingen doen. Het rolmodel was daar een leuke, toffe, aantrekkelijke dame, die eigenlijk cheerleader was. Nu zie je: recentelijk hebben daar ook mannen voor gesolliciteerd en zie je mannelijke cheerleaders. Dus, je ziet, ook in die specifieke rolmodellen, dat mannen ook functies van vrouwen gaan overnemen, en omgekeerd.
Vrouwen in de eventsector.

 

Binnenkort nog quota's.

 

Ja, wie weet. Maar ik...

 

Bij cheerleaders.

 

Absoluut.
En ook, bijvoorbeeld in Australië, is er zo'n mooi initiatief, van een muzikant, die voor een automerk, voor Mercedes, heeft die een campagne gedaan en heeft hij eigenlijk eens gaan kijken van: oké, stoerheid, wat houdt dat nu eigenlijk in? En dan is het toch het beeld van, ja, de man met tattoos en met de snelle wagen.
Maar dat beeld wordt wel verdrongen. Men zoekt nu veel meer...
Vrouwen vinden het ook veel aantrekkelijker om een man te hebben, die een meer vrouwelijk profiel heeft. Die meer vrouwelijke kenmerken in zich draagt.
En ik denk, dat we daar, binnen de eventwereld, ook wel rekening mee moeten houden. Dat het niet alleen de stoere, macho-achtige evenementen zijn. Maar echt iets, waar ook een stukje emotie in zit, waar veel meer gevoel in ligt.
En dat zijn dingen, die de dag van vandaag, en zeker ook in de toekomst, belangrijker worden.

 

Die clichés doorbreken en die rolmodellen openbreken.

 

Absoluut, ja. Die rolmodellen doorbreken, die clichés doorbreken.

Je ziet dat eigenlijk in heel veel dingen, hé. Dus ook, homoseksualiteit is veel meer aanvaard. Genderneutraliteit wordt aanvaard. Ook het veranderen van geslacht. Hebben we vorig jaar nog een aantal mediatieke uitingen over gekregen.
Dus, je ziet dat constant veranderen. Dus, die nieuwe man, die vindt zijn weg. En dat gaat belangrijker en belangrijker worden.
Maar die vrouw ook, die haar rol gaat opnemen. Dus, je krijgt een veel spannendere situatie op de werkvloer.
En ook, denk ik, in het uitwerken van evenementen, moet je daar echt rekening mee gaan houden.

 

Naast die maatschappelijke trends, heb je ook een aantal consumententrends mee. Misschien moeten we daar eens naartoe gaan.

 

Ja, ik denk, een heel belangrijke is natuurlijk de playsumer. Dus, de consument die, eigenlijk, het spelen wel heel belangrijk vindt. Dus, een combinatie van een consument, die niet alleen consumeert, maar ook, eigenlijk, het spel, de gamification, dat zijn dingen, die we ongelooflijk zien evolueren.
En een heel mooi voorbeeld daarvan, is de luchthaven in Singapore. In de luchthaven van Singapore heeft men eigenlijk een soort speeltuin gemaakt.

 

Een ballenbad, of zo?

 

Nee, geen ballenbad, maar een soort... Het is niet echt een klimmuur, maar een...
Het is eigenlijk een heel mooie toren, waar men kan gaan in klimmen. En dat geeft eigenlijk een leuk gevoel. Een speels gevoel, hé.

 

Maar dat is niet voor de kinderen?

 

Dat is niet voor de kinderen, dat is voor...
Voor kinderen, maar ook voor volwassenen. Het is eigenlijk een combinatie. Eigenlijk voor het gezin, om een stukje entertainment te bieden, terwijl je wacht in die luchthaven.
Want, de dag van vandaag, moet je heel vroeg op een luchthaven zijn. Dat is niet alleen in Europa, dat is wereldwijd zo. Zeker bij transcontinentale vluchten, of internationale vluchten, moet je heel lang op voorhand in de luchthaven zijn. Je moet al die douanes passeren.
Maar, men wil ook een stukje gaming geven. Men wil een stukje experience gaan geven. Een stukje spelbeleving.
En dat zie je meer en meer. En daar moet je echt ook gaan op inspelen.
Denk echt: dat playsumer-verhaal. De consument wil daar echt veel meer geld voor gaan uitgeven. En het gaat dan niet alleen over videospelletjes, of bordspelletjes, die ook wel groeien, maar het gaat echt over een outdoor beleving, een indoor beleving, die een consument heel graag wil.
En hij wil heel graag spelen. We zijn een spelende mens.

 

Maar, hoe zorg je ervoor dat dat functioneel blijft?
Want, wat je vaak ziet gebeuren, is dat het overslaat. Dat het gamification, om de gamification wordt en het hoofddoel vergeten wordt.

 

Ik denk dat daar inderdaad, in je ontwerp van...
In het ontwerpen van een evenement, of in het ontwerpen van wat je ook wilt doen, dat je daar inderdaad rekening mee moet houden. Dat het wel...

 

Iets blijft toevoegen.

 

Dat het wel, eigenlijk, in overeenstemming is,  met de waarde, die je wil uitstralen.
Of het nu over een bepaalde locatie gaat, hé, om het voorbeeld terug te nemen van die luchthaven: de vorm van het spel, eigenlijk, is gevormd zoals een vlinder. Dus, de mensen beleven eigenlijk, zoals een vlinder, die blijkbaar nu, in die regio aan het uitsterven is. Dus, het heeft ook een ecologisch doel. Dus, men gaat het ecologisch doel koppelen, aan een spelelement, met iets heel lokaal. Dat eigenlijk in Singapore momenteel heel hard leeft, onder de bevolking.

 

En dan versterkt het gewoon de boodschap.

 

Het versterkt de boodschap en daar moet je vooral op letten.

 

Een andere, die je nog genoteerd had, was tipping. Wat is tipping?

 

Ja, tipping is een hele leuke.
We hadden vroeger de vips, de very important persons.
Dan met de sociale media en Instagram, en dergelijke, de socially important persons.
En nu heb je de temporary important persons, wat de tips zijn. En iedereen wil wel aan tipping doen. En wat houdt dat eigenlijk in? Dat iedereen zoekt naar zijn 15 seconds, of in betere gevallen 15 minutes of fame.
Een heel mooi voorbeeld zie je daarvan in Amerika. Waar mensen op een voetbalwedstrijd, American football wedstrijd, gewoon in beeld worden gebracht.  Ze hebben een app kunnen downloaden. Ze komen in beeld. En ze gaan dat meteen kunnen delen, via hun sociale-medianetwerk. Of hun sociaal netwerk.

 

Het feit dat ze in zo'n stadion op het beeld komen.

 

Het feit dat ze op het beeld komen. En dat gaan ze dan delen. En op dat moment zijn ze eigenlijk, eventjes, socially en temporary important. En dat is iets wat ongelooflijk gaat leven.

 

Wat kun je daar als organisator mee doen?
Ja, als organisator van zo'n wedstrijd, is het natuurlijk leuk om dat aan te bieden.

 

Ja, maar het gaat vooral over dat persoonlijke. Het heeft ook te maken met een stukje personificatie.
De mensen vinden, eigenlijk, zichzelf wel heel belangrijk, hé. We zijn als mens geëvolueerd, dat we denken dat wij als mens superbelangrijk zijn. En dat is ook zo, voor een stuk.
En dat speelt daar, eigenlijk, een stukje op in. Het is eigenlijk een...
Als je gaat kijken vanuit het consumentenbelang, dat rond personalisatie gaat, is dit echt de markttrend, die dat aanstuurt, die dat eigenlijk doorgeeft. Dus, op die manier, geeft het eigenlijk die behoefte, om eventjes bekend te zijn, eigenlijk een heel mooi voorbeeld van.

 

Hoe zou je dat kunnen vertalen op evenementen bij ons? Want, ja, als je gewoon een bedrijfsevenement organiseert, heb je natuurlijk niet zo'n groot scherm en een camera.

 

Ik denk aan social walls, hé.
Ik denk, als je een groot evenement hebt, dat mensen een bepaalde boodschap gaan geven, dat wordt dan geprojecteerd op het scherm. Dat zijn dingen, die perfect mogelijk zijn. En die je eigenlijk kan gebruiken, als je het hebt over vrij grote evenementen.
Of denk aan een congres, waar men eigenlijk in de zaal gaat inzoomen. Iemand schrijft, iemand lacht. Dat eventjes in beeld brengen.
Wie weet heeft die er nog een boodschap bij, van: goh, het is eigenlijk een interessante spreker. Of: ik ben het hier helemaal niet mee eens. Of: het is boring, hé. Dat kan gerust. Mensen de dag van vandaag, kunnen wel best tegen een stootje. En moeten zichzelf ook een stukje kunnen relativeren.
Maar dat zijn eigenlijk toepassingen, die je perfect zou kunnen doen.
Die, natuurlijk, een spreker ook uit het lood kunnen slaan, hé.

 

Ja, absoluut.

 

Dat is natuurlijk wel het gevaar.

 

Nu, langs de andere kant, wat ik dan opmerkelijk vind, hé.
Ik volg heel dat verhaal van de tipping en dat mensen dat leuk vinden, om in beeld te komen.
Langs de andere kant, als je naar een gemiddeld congres gaat, en dan is er de typische Q&A, en dan wordt er de vraag gesteld, in de zaal, van: zijn er vragen? Dan denk je: ja, nu is het moment om jouw 15 seconds of fame te krijgen. En dan blijft iedereen zitten.

 

Ja, dat klopt, dat klopt ook wel voor een stuk. Ik denk dat dat een beetje te maken heeft...
Ik denk dat daar ook een verschil is, tussen een Belg en een Nederlander.
Ik heb in het verleden redelijk wat in Nederland gewerkt. En ik weet dat Belgen altijd vrij veel schroom vertonen.
Ook bij persconferenties, die wij vroeger organiseerden, was het vaak dat dan een journalist, en een journalist die eigenlijk nog heel veel kritische vragen zou moeten stellen...

 

Ja, het is hun job.

 

Het is hun job, maar die dat dan eigenlijk niet doet. Maar die dan wacht tot na de conferentie en dan eigenlijk naar de spreker gaat. Of naar de bedrijfsleider gaat. Of de marketeer.

 

En dat in publiek niet durfde.

 

Ja, en die gaat dan daar de vraag stellen.
Terwijl, in Nederland, is dat schering en inslag. Je ziet dat ook aan televisieprogramma's. In veel meer televisieprogramma's, word je met de grond gelijk gemaakt. Dat zou je in België bijna niet...
Je ziet dat alleen een beetje in Ter Zake. Maar bij wijze van spreken...

 

Maar die mensen worden daarvoor betaald.

 

Mensen worden daarvoor betaald, maar eigenlijk zie je: men is eigenlijk heel braaf en men heeft heel veel schroom. Maar in een aantal andere culturen, is dat niet.
En ik denk dat dat bij jeugd ook veel minder is. Jeugd heeft ook veel minder schroom. Dat is gewoon een kwestie van tijd. Maar we gaan dat ook, hier, in de toekomst, meer en meer gaan zien.

 

Een laatste, die je nog had meegebracht: real connectivity.

 

Ja, dat is iets, wat eigenlijk zeer belangrijk is, de dag van vandaag.
Want, ik heb het al, net, over sociale media. En de sociale media-penetratie is gigantisch groot. We zitten in België aan, denk ik, 66% van de Belgen is, op één of andere manier, met sociale media betrokken. En geconnecteerd.
We doen dat nog niet het beste, hoor. Als je gaat kijken: de Verenigde Arabische Emiraten is het 99%. Dus, dat is bijna 100%. Dus, we zitten daar nog wel eventjes af.
Maar eigenlijk hebben we heel veel sociale contacten. We zijn heel veel op sociale media bezig. We zitten constant dingen te delen. Maar je moet eens goed kijken, wat er op een restaurant gebeurt. Heel veel mensen zitten daar eigenlijk op hun smartphone te kijken. En communiceren niet meer met elkaar.

 

Je collega, Tom Palmaerts, ook trendwatcher, die wist er zelfs aan toe te voegen, dat er meer dan ooit, mensen eenzaam zijn.

 

Absoluut, Tom heeft daar ongelooflijk gelijk in. Er is een ongelooflijke eenzaamheidsgraad.
En dat is net het antwoord. Die real connectivity is net een antwoord op dat eenzame gevoel.
Dat meer en meer in de maatschappij doorsijpelt. Als consumententrend.
En de markttrends daar, zijn daar eigenlijk uitingen van, om dat net te gaan counteren.
Een heel mooi voorbeeld is, bijvoorbeeld: hotels die een bibliotheek gaan maken. Die een huiselijke sfeer gaan creëren. Die net gaan proberen om, bijvoorbeeld, mensen bij elkaar te brengen. Om communicatie, om conversatie op gang te brengen.
Je ziet dat soort initiatieven veel meer gebeuren.
En ik denk dat daar, ook voor de eventwereld, een ongelooflijke markt ligt. Om net dat soort real connectivity-evenementen te gaan creëren. waar die consumenten elkaar ontmoeten. Met elkaar kunnen communiceren. Echt dingen met elkaar gaan delen.
En niet alleen op sociale media, fotootjes gaan maken, die ze dan misschien delen via een social wall. Ik denk dat daar een ongelooflijke markt voor is, in de toekomst.

 

Bert, ik denk dat dat een heel mooie is, om mee af te sluiten.

 

Dank u.

 

Dank voor jouw visie op de toekomst.

 

Dank u wel.

 

En u, beste kijker, bedankt voor het kijken, en alweer tot volgende week.

Nieuwsbrief

Advertenties